Antenatale controles
Zwanger
U bent zwanger en dat is een heel bijzondere gebeurtenis. Van harte gefeliciteerd. Ongetwijfeld heeft u veel vragen over de zwangerschap en controles. Welk onderzoek kunt u bijvoorbeeld verwachten bij het eerste bezoek aan de verloskundige, de huisarts of de gynaecoloog? Welke controles worden bij volgende bezoeken gedaan? Zijn er nog andere onderzoeken? Hoe zit het met voeding, medicijngebruik, sport en werk? Is uw partner ook welkom op het spreekuur?
Deze pagina geeft voorlichting over al deze aspecten. Hebt u na het lezen nog vragen, aarzel dan niet ze bij een volgend bezoek aan uw verloskundige of arts te stellen.
Zwangerschap
Zwangerschap is een volkomen natuurlijk proces en een unieke ervaring. Het is tevens een periode van ingrijpende lichamelijke en emotionele veranderingen. Iedere vrouw ervaart dit op haar eigen wijze. Het komende ouderschap brengt behalve vreugde ook onzekerheden met zich mee. Uw leven gaat voorgoed veranderen.
Hoe u zich ook voelt: de zwangerschap is een feit en u heeft een heleboel vragen. Naarmate de zwangerschap vordert, zullen er steeds weer andere vragen in u opkomen. Naast algemene informatie vindt u informatie die speciaal bedoeld is voor zwangeren die begeleid worden in het Nij Smellinghe Ziekenhuis. Wij wensen u een plezierige zwangerschap toe.
Grote veranderingen
Zwangerschap is een volkomen natuurlijk proces. Het is ook een periode van grote lichamelijke en emotionele veranderingen. Elke vrouw ervaart deze anders. Sommigen voelen zich negen maanden lang beter dan ooit. Anderen hebben klachten zoals misselijkheid, rugpijn, brandend maagzuur of moeizame ontlasting. Het zijn gebruikelijke zwangerschapsklachten die bij iedere vrouw en bij elke zwangerschap verschillen. De ene vrouw kan haar werk voortzetten tot vier of zes weken voor de uitgerekende datum, de andere zal al eerder haar werkzaamheden moeten aanpassen in verband met klachten. Ook in emotioneel opzicht verandert er veel.Voor de meeste vrouwen en hun partners is een zwangerschap een blijde gebeurtenis, maar soms zijn er ook zorgen over de relatie, werk, geld, het verloop van de zwangerschap of andere zaken.
Eerste bezoek aan de verloskundige, huisarts of gynaecoloog
Bij uw eerste bezoek krijgt u doorgaans een aantal vragen, bijvoorbeeld over uw zwangerschap, uw gezondheid, de gezondheid van uw partner en familieleden en over uw levenswijze. Meestal wordt u bij dit eerste bezoek ook kort onderzocht: uw bloeddruk wordt gemeten en de grootte van de baarmoeder wordt beoordeeld. Vaak luistert de verloskundige, huisarts of gynaecoloog ook naar de hartslag van uw kind. Tot slot wordt wat bloed afgenomen voor onderzoek. Natuurlijk kunt u zelf ook vragen stellen en informatie geven over uw eigen situatie. Het is verstandig uw vragen en opmerkingen van tevoren op te schrijven, zodat u ze tijdens het bezoek niet vergeet. Uw partner is uiteraard van harte welkom bij elke zwangerschapscontrole.
Waar kan de verloskundige of arts naar vragen?
Uw zwangerschap
De verloskundige, huisarts of gynaecoloog zal vragen of dit uw eerste zwangerschap is. Als u eerder zwanger bent geweest wordt ook gevraagd hoe deze zwangerschappen zijn verlopen. De eerste dag van de laatste menstruatie gebruikt men om de duur van de zwangerschap en de uitgerekende datum van de bevalling vast te stellen. Altijd is het van belang te weten of uw laatste menstruaties normaal en op tijd waren. Het is verstandig de begindagen van de laatste menstruaties voor uzelf op te schrijven en mee te nemen, evenals de datum waarop u eventueel met de pil bent gestopt. Ook de data van zwangerschapstesten die u hebt gedaan, zijn belangrijk.
Uw gezondheid
Vragen over uw gezondheid gaan over eerdere ziekten, operaties en behandelingen. Als u de laatste maanden medicijnen hebt gebruikt, of als u bepaalde klachten hebt, is het belangrijk dit te vertellen. Ook wordt meestal gevraagd of u drinkt, rookt of drugs (heeft) gebruikt. Bloedtransfusies en onveilig vrijen kunnen ter sprake komen in verband met de kans op besmetting met een seksueel overdraagbare ziekte (zoals aids).
De gezondheid van uw familieleden
Als er ziekten of mogelijk erfelijke aandoeningen in uw familie of die van uw partner voorkomen, is het verstandig dit te melden.Voorbeelden zijn suikerziekte, hoge bloeddruk, taaislijmziekte, Down-syndroom, open rug en spierziekten. Ook is het belangrijk of er in de familie kinderen of volwassenen met aangeboren afwijkingen voorkomen, bijvoorbeeld hartafwijkingen. Sommige aandoeningen zijn al voor de geboorte door middel van onderzoek vast te stellen. Dit onderzoek heet prenatale of antenatale diagnostiek. Het wordt alleen besproken als u een verhoogd risico hebt op het krijgen van een kind met een erfelijke of aangeboren aandoening.
Uw leefomstandigheden
Hoe woont u? Leeft u alleen of met een partner? Wat zijn uw bezigheden? Mochten er bijzondere omstandigheden in uw leven zijn, dan is het verstandig dit te laten weten.
Registratie van uw gegevens
Onder andere als u deelneemt aan het bloedonderzoek, worden uw medische persoonsgegevens geregistreerd. Dat gebeurt onder de verantwoordelijkheid van de Entadministraties en de Stichting Perinatale Registratie Nederland. Het doel van deze registratie is belangrijke medische persoonsgegevens rondom zwangerschap en geboorte te verzamelen, zowel over moeder als kind.
De landelijk verzamelde medische gegevens vormen een bron voor medisch-wetenschappelijk en statistisch onderzoek. Daarom werken verloskundigen, huisartsen, gynaecologen en kinderartsen mee aan de gegevensregistratie: zij vinden het belangrijk dat dergelijk onderzoek kan helpen om de medische kennis rond zwangerschap en geboorte te vergroten en de kwaliteit en doelmatigheid van de zorg te verbeteren. Een voorbeeld waaruit blijkt hoe belangrijk registratie is, zijn de - gelukkig zeldzame - gevallen waarin een
doodgeboorte of een ernstige aandoening van het kind voorkomt. Aan de hand van de geregistreerde gegevens kan onderzoek gedaan worden naar de oorzaak en wat in de toekomst wellicht gedaan kan worden om het te voorkomen.
Uw huisarts, verloskundige of gynaecoloog kan u desgewenst meer informatie geven over de gegevens die worden geregistreerd en zal u vragen of u toestemming geeft voor de registratie. Als u besluit, om welke reden dan ook, om deze toestemming niet te geven, zal dit vanzelfsprekend geen enkele invloed hebben op uw behandeling. Uw gegevens zullen dan zo bewerkt worden dat ze niet tot uw persoon herleidbaar zijn. Op basis van de Wet Bescherming Persoonsgegevens kunt u de verantwoordelijke instantie achteraf altijd verzoeken om inzage in uw persoonsgegevens of verwijdering daarvan. Wilt u meer informatie? Kijk op de website www.gezondebaby.nl.
Controles tijdens de zwangerschap
Hoe vaak vindt controle plaats?
Een gebruikelijk schema van controles is elke vier weken in het begin van de zwangerschap, gevolgd door een periode van controles om de 3 weken en later om de 2 weken, waarna de laatste weken wekelijks controle plaatsvindt. Omdat uit onderzoek blijkt dat zoveel controles bij een ongestoorde zwangerschap vermoedelijk niet nodig zijn, bespreekt uw verloskundige of gynaecoloog misschien minder controles met u.
Beoordelen van de baarmoeder
Bij elke controle wordt de groei van de baarmoeder nagegaan.Via de buik wordt de baarmoeder met de handen afgetast. Zo controleert de verloskundige of arts of het kind voldoende groeit. Vaak wordt vanaf de derde maand naar de harttonen van het kind geluisterd. In de laatste maanden van de zwangerschap onderzoekt de verloskundige of arts de ligging van het kind. In de laatste weken wordt gevoeld of het hoofd of de stuit van het kind indaalt in het bekken.
De bloeddruk
Meestal wordt bij elke controle uw bloeddruk gemeten. De bloeddruk wordt weergegeven in een bovendruk en een onderdruk (bijvoorbeeld 120/60). Vooral de onderdruk is van belang. Tegen het einde van de zwangerschap kan deze wat hoger worden. Een lage bloeddruk tijdens de zwangerschap kan geen kwaad, maar geeft soms vervelende klachten, zoals duizeligheid. Een hoge bloeddruk maakt vaak extra zorg voor moeder en kind noodzakelijk.
Het gewicht
Vroeger werd bij elk bezoek het gewicht gecontroleerd. Tegenwoordig hoeft gewichtscontrole bij een normaal verlopende zwangerschap niet altijd plaats te vinden. De verloskundige, huisarts of gynaecoloog weegt u daarom vaak niet meer als routine. Gemiddeld neemt uw gewicht met 10 tot 15 kilo toe in de zwangerschap.
Urineonderzoek
In het verleden werd bij elke zwangere altijd urine gecontroleerd op de aanwezigheid van eiwit. Ook dit onderzoek blijkt bij een ongestoorde zwangerschap niet noodzakelijk. Wel wordt bij bijvoorbeeld een verhoogde bloeddruk gewoonlijk gekeken of er eiwit in de urine zit.
Het bloedonderzoek
U bent in verwachting en hoopt op een gezonde zwangerschap en een gezond kind. Zelf kunt u daaraan bijdragen door in uw leefgewoonten rekening te houden met uw baby. Maar u hebt niet alles in de hand: uw baby kan ziek worden door schadelijke stoffen, bacteriën of virussen die zich in uw bloed bevinden. Daarom wordt er aan het begin van uw zwangerschap een bloedonderzoek uitgevoerd. Als het onderzoek uitwijst dat uw baby kans heeft ziek te worden, is het vaak mogelijk om u te behandelen en zo uw baby te beschermen. Tijdens een van uw eerste bezoeken aan de verloskundige, huisarts of gynaecoloog wordt wat bloed afgenomen voor dit bloedonderzoek. Dat gebeurt alleen met uw toestemming. U kunt aangeven dat u onderdelen van het onderzoek achterwege wilt laten. De uitslag van het onderzoek krijgt u tijdens uw volgende consult, tenzij u dit anders heeft afgesproken.
Bij het standaard onderzoek wordt uw bloed onderzocht op:
• bloedgroep
• hemoglobinegehalte
• de rhesus-D-factor
• andere antistoffen
• hepatitis B
• lues (syfilis)
• hiv
Voor verdere informatie, kijk onder bloedonderzoek tijdens de zwangerschap.
Echoscopisch onderzoek
Echoscopisch onderzoek wordt om verschillende redenen gedaan. Tot nu toe zijn geen nadelige of schadelijke effecten van echoscopisch onderzoek bekend. Een garantie dat onbekende ongewenste effecten nooit zullen optreden, is niet te geven. Daarom is het verstandig alleen een echo te maken als deze nuttige informatie oplevert. Tegenwoordig komen alle zwangeren in aanmerkingen voor een structureel echo onderzoek (SEO) rondom 20 weken zwangerschap. Enkele andere redenen voor echoscopisch onderzoek
worden hier besproken.
• Een onzekere duur van de zwangerschap: echoscopisch onderzoek in de
eerste maanden geeft een vrij nauwkeurige indruk van de zwangerschapsduur
en de uitgerekende datum. Ook bij voorafgaande regelmatige menstruaties, is de duur van de zwangerschap niet altijd precies op grond van de laatste menstruatie vast te stellen. Zekerheid over de duur van de zwangerschap kan van belang zijn als er mogelijk sprake is van over tijd raken of bij complicaties tijdens de zwangerschap. Daarom wordt u in de meeste gevallen een echoscopisch onderzoek aan geboden tijdens de derde maand van de zwangerschap. Bij dit onderzoek kan ook een eventuele meerlingzwangerschap aangetoond worden.
• Bloedverlies in het begin van de zwangerschap: echoscopisch onderzoek
kan vaststellen of de zwangerschap intact is. Bloedverlies kan een voor-
teken zijn van een miskraam, maar in de helft van de gevallen is er niets
mis met de zwangerschap. Bedenk dat echoscopisch onderzoek niets verandert aan de uitkomst van de zwangerschap.
• Bij het vermoeden van een meerlingzwangerschap.
• Om de groei van het kind te kunnen beoordelen als de verloskundige, huisarts of gynaecoloog twijfelt over de grootte van uw kind.
• Om de ligging van het kind te bepalen als dit door middel van uitwendig onderzoek moeilijk is.
Onderzoek naar erfelijke en aangeboren aandoeningen
Onderzoek naar aangeboren afwijkingen (prenatale diagnostiek) gebeurt nooit als routine. De verloskundige, huisarts of gynaecoloog bespreekt dit alleen met u als er een reden voor is, bijvoorbeeld aangeboren of erfelijke aandoeningen in uw familie of die van uw partner, een ziekte van uzelf zoals suikerziekte, of het gebruik van bepaalde medicijnen die mogelijk schadelijk zijn in de zwangerschap. Ook een leeftijd van 36 jaar of ouder op het moment dat de zwangerschapsduur minimaal 18 weken is, kan een reden zijn. De kans
op een kind met een chromosoomafwijking neemt geleidelijk toe met de leeftijd maar is vanaf ongeveer 36 jaar duidelijk verhoogd; aangeboren afwijkingen zoals een open ruggetje komen op hogere leeftijd niet vaker voor.
Er zijn verschillende soorten onderzoek beschikbaar. Voorbeelden hiervan zijn vlokkentest, vruchtwaterpunctie, bloedonderzoek en echoscopisch onderzoek. Meer informatie vindt u onder prenatale diagnostiek of onder www.nvog.nl. Uw verloskundige of gynaecoloog zal u hier graag meer over vertellen.
Als de verloskundige of gynaecoloog onderzoek naar erfelijke of aangeboren aandoeningen met u bespreekt, bent u degene die beslist of u er gebruik van wilt maken in geval van een indicatie. De onderzoeken bieden meestal zekerheid over de (kans op) aan- of afwezigheid van bepaalde aandoeningen waarnaar gezocht wordt, maar andere afwijkingen kunnen onopgemerkt blijven. Hoewel in de praktijk vaak moeilijk, probeer van te voren te bedenken wat het vinden van een van de bovengenoemde aandoeningen bij het kind voor u betekent. Dit speelt misschien een rol bij uw besluit of u onderzoek hiernaar wilt laten doen.
Leefregels tijdens de zwangerschap
Voor informatie over leefregels tijdens de zwangerschap, kijk onder leefregels.
Werk buitenshuis
Werk buitenshuis heeft op zichzelf geen nadelige invloed op de zwangerschap. Wel kunnen bepaalde werkomstandigheden risico's voor de zwangerschap met zich meebrengen. Daarom zijn er verschillende regelingen voor zwangere en pas bevallen werkneemsters. Ze zijn onder andere vastgelegd in de Arbeidsomstandighedenwet en het Besluit zwangere werkneemsters. Werk waarin u wordt blootgesteld aan trillingen (vrachtauto's, landbouwmachines), ioniserende straling (straling van radioactieve stoffen), chemische stoffen of infectierisico's is niet bevorderlijk voor de gezondheid tijdens de zwangerschap. Dit geldt ook voor fysiek zwaar werk, zoals veelvuldig tillen, trekken, duwen of dragen. Als u met zulke werkomstandigheden te maken hebt, overleg dan met uw werkgever. Deze moet het werk aanpassen en u eventueel ander werk aanbieden. U kunt ook overleggen met de bedrijfsarts (Arbo-dienst) of inlichtingen vragen bij de arbeidsinspectie.
Als u in nacht- of ploegendienst werkt, kunt u aan uw werkgever vragen om uw werken rusttijden tijdens de zwangerschap aan te passen. Een zwangere heeft recht op extra pauzes en is in principe niet verplicht om te werken in een nachtdienst of om over te werken. Deze regels gelden ook voor de eerste zes maanden na de bevalling. Er zijn ook regels voor borstvoeding en werken. Als het niet mogelijk is door middel van aanpassingen uw werk gezond en veilig uit te voeren, moet de werkgever u tijdelijk ander werk aanbieden.
Vakanties
Als u zwanger bent kunt u gerust op vakantie gaan. Doorgaans wordt aangeraden een vakantiebestemming te kiezen waar goede medische zorg aanwezig is, mochten zich onverhoopt complicaties voordoen. In verre, tropische landen is dit niet altijd het geval. Bovendien kunt u onder primitieve omstandigheden wat gemakkelijker een infectieziekte oplopen die gepaard gaat met bijvoorbeeld hoge koorts of diarree. Tegen vliegreizen bestaat uit medisch oogpunt geen bezwaar. Vliegmaatschappijen willen meestal geen zwangere vrouwen na 32-34 weken zwangerschapsduur vervoeren, omdat ze
geen bevallingen in de lucht willen riskeren. Vakanties op grote hoogte worden ontraden. Door de afnemende zuurstofspanning van de lucht is er minder zuurstof beschikbaar. Het advies is om niet langdurig hoger dan
2000 meter te verblijven.
Problemen tijdens de zwangerschap
Wanneer u zwanger bent kunnen zich ook andere problemen voordoen. Problemen op het gebied van relaties, financiën, huisvesting of werk, of negatieve (seksuele) ervaringen uit uw jeugd of daarna kunnen voor spanning zorgen tijdens de zwangerschap. Praat erover met iemand die u vertrouwt, uw partner, een goede vriendin of een familielid. Stel ook uw verloskundige, huisarts of gynaecoloog op de hoogte. Zo nodig verwijst deze u door naar een gespecialiseerde hulpverlener.
Om ook over na te denken
Plaats van de bevalling
Als uw zwangerschap normaal verloopt dan kunt u zelf beslissen of u thuis of in een ziekenhuis wilt bevallen.Veel vrouwen kiezen er voor om in hun eigen vertrouwde omgeving te blijven, anderen voelen zich prettiger in een ziekenhuis. Met uw verloskundige of huisarts kunt u de verschillende mogelijkheden bespreken en bekijken wat voor u het beste is. Overigens ligt deze beslissing niet vast, u kunt er altijd nog op terugkomen. Indien er complicaties zijn of dreigen te ontstaan, zult u over het algemeen in een ziekenhuis gaan bevallen.
Kraamzorg
De kraamverzorgende assisteert de verloskundige of huisarts tijdens een thuisbevalling. Vervolgens zal zij in het kraambed, de directe zorg voor moeder en kind op zich nemen. Dit is ook het geval als u in het ziekenhuis bent bevallen. Kraamzorg moet u vroeg in de zwangerschap regelen. Meer informatie kunt u krijgen bij de thuiszorgorganisaties of particuliere
kraamzorgbureaus in uw regio.
Verlof
Iedere vrouw heeft recht op 16 weken zwangerschapsverlof. Meestal gaat dit verlof 6 weken voor de uitgerekende datum in en loopt het tot en met 10 weken na de daadwerkelijke bevallingsdatum. Als u eerder bevalt dan blijft de duur van het verlof 16 weken; bevalt u later dan wordt het verlof ook automatisch langer. U kunt het zwangerschapsverlof enigszins flexibel opnemen door bijvoorbeeld wat later te stoppen met werken. Ook kunt u
het uitbreiden met vakantiedagen. Uiteraard is het van belang om dit tijdig met uw werkgever of uitkerende instantie te bespreken en vast te leggen. Bespreek met uw werkgever ook de mogelijkheden voor ouderschapsverlof.
Borst- of flesvoeding
Borstvoeding wordt wereldwijd als eerste keus voor babyvoeding aangeraden, omdat moedermelk stoffen bevat die uw kind tegen infecties en allergieën beschermen. Daarnaast heeft borstvoeding nog een aantal andere voordelen. Als u om medische of persoonlijke redenen geen borstvoeding gaat geven of als borstvoeding ondanks goede begeleiding niet lukt, is flesvoeding een goed alternatief. Borstvoeding en werk kunnen ook goed
samen gaan. Hier zijn speciale regels voor: kijk op www.borstvoeding.nl.
Extra informatie
www.gezondebaby.nl van het College voor zorgverzekeringen
www.nvog.nl van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie
nhg.artsennet.nl van het Nederlands Huisartsen Genootschap
www.cvz.nl van het College voor zorgverzekeringen
www.minvws.nl van het ministerie van Volksgezondheid,Welzijn en Sport
Tot slot
Zwangerschap is een natuurlijk proces. In deze pagina komen veel mogelijke problemen aan bod, maar gelukkig verloopt het allergrootste deel van de zwangerschappen ongestoord. Mocht u na het lezen van deze pagina nog vragen hebben, stel ze dan gerust aan uw verloskundige, huisarts of gynaecoloog. De zwangerschap is immers een periode die veel vragen oproept, en op deze pagina kan niet alles besproken worden.
Voor vragen over kinderopvang kunt u terecht op www.kinderopvang.net. www.socialezekerheid.nl geeft nog meer informatie over zwangerschap en werk, over de wet arbeid en zorg, kinderbijslag, onderwijsbijdrage en studiefinanciering. Ook kunt u schriftelijk of telefonisch informatie aanvragen op: Postbus 19260, 3501 DG Utrecht, telefoon 030-230 67 55.
Op de website www.bpv.nl van het Breed Platform Verzekerden en Werk vindt u de helpdesk gezondheid, werk en verzekeringen. Deze kunt u ook telefonisch bereiken op werkdagen van 12.00-20.00 uur op 020 - 4 800 300.
Prenatale onderzoeken: via de website www.erfocentrum.nl: informatie over erfelijke aandoeningen, ziekten en zwanger worden. Het erfocentrum is opgericht door de Vereniging Samenwerkende Ouder- en Patiëntenorganisaties (VSOP).
© 2007 NVOG, KNOV, NHG, LHV, VVAH, LVE, Erfocentrum en RIVM.
Deze brochure is tot stand gekomen in een samenwerkingsverband van de Commissie Patiëntenvoorlichting van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG), de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV), het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), de Vereniging Verloskundig Actieve Huisartsen (VVAH), de Landelijke Vereniging Entadministraties (LVE), het Erfocentrum en het RIVM. Iedereen mag deze brochure zonder toestemming vermenigvuldigen, mits integraal, onverkort en met bronvermelding. Deze brochure geeft een beeld van wat de zwangere vrouw normaliter aan zorg en voorlichting kan verwachten. Soms geeft de verloskundige of arts u andere informatie of adviezen, bijvoorbeeld omdat uw situatie anders is of omdat men in de praktijk andere procedures volgt. Schriftelijke voorlichting is altijd een aanvulling op het gesprek met de verloskundige of arts. Daarom zijn bovengenoemde organisaties niet juridisch aansprakelijk voor eventuele tekortkomingen van deze brochure. Wel hebben zij zeer veel aandacht besteed aan de inhoud. Deze folder wordt jaarlijks geactualiseerd. De meerderheid van de Nederlandse verloskundigen, huisartsen en gynaecologen is het eens met de inhoud. Andere informatie op het gebied van de verloskunde, gynaecologie en voortplantingsgeneeskunde is te vinden op de websites van de NVOG: www.nvog.nl, het NHG; www.nhg.org, de KNOV: www.knov.nl, het Erfocentrum: www.zwangernu.nl of op www.rivm.nl/zwangerschapsscreening van het RIVM. Achter in deze brochure vindt u meer relevante webadressen. Samenstelling en redactie: E. Bakkum (NVOG), T. Drenthen (NHG), S. Flikweert (NHG, LHV en VVAH), K. Zeeman en T. Verburgt (KNOV), E. van Vliet (Erfocentrum), E. Groten (LVE) en J. Wieringa (RIVM).